Grevenbroekmuseum

Deze benaming stoelt op iets nieuws in de menselijke geschiedenis, nl. het gebruik van metaal. De eerst gebruikte metalen waren goud en koper. Beide kunnen koud gesmeed worden en gehamerd tot één of andere vorm, tot kleine bekers, sierplaatjes, en koperen messen en bijltjes.

Door de ontdekking van het brons, een legering van tin en koper, kwam men tot nieuwe mogelijkheden en bedrijvigheid. Nu kon men door gietvormen betere messen, bijlen, pijlen, speerpunten, zwaarden en sierraden maken.

Een belangrijke handelsbedrijvigheid kwam tot stand doordat de grondstoffen voor brons zowel uit landen rond de Middellandse Zee (Cyprus, Egypte) als uit Brittannië (tin) moesten aangevoerd worden. Met schepen en huifkarren, langs bekende trekwegen, geraakten de bronzen tuigen in onze streken. Ondertussen waren er, door het onoordeelkundig kappen van de wouden door de neolithische boeren, uitgestrekte heidevlakten ontstaan. Deze bleken uiterst geschikt voor schapenkudden, die door hun wol, vlees en melk zelfs een soort welstand konden scheppen.

brons1

Een nieuwe boerenstand ontstond, die in de plaats van planten, zaaien en ploegen meer toekomst zag in het herdersleven. In onze uitgestrekte heidevlakten ontstonden door de nieuwe aanpak grote heihoeven, waar blijkbaar weelde heerste. Men kende zelfs gouden sieraden.

De bronzen voorwerpen, die handelaars vanuit het zuiden aanbrachten, werden graag gekocht of geruild. Het waren bijlen, eerst vlakbijlen, later kokerbijlen, messen, zwaarden, speerpunten, ook scheermesjes, armbanden en ringen. De woningen waren steeds gebouwd met hout, leem en riet, zonder vensters en met een gat in het dak voor de rook van het haardvuur.

De kleding werd steeds beter en van zuiderse handelaars betrok men de betere bronzen tuigen. Meerdere depots van deze trekkers werden teruggevonden. In de nabijheid van de schaapshoeven werden de grote grafheuvels opgericht, waarin de overledenen met hun beste kledij en met wapens en tuigen voor 't ander leven in boomstamkisten werden bijgezet. Deze heuvels werden met heideplaggen of graszoden gebouwd. De gewoonte ontstond om deze te omringen met grachten en palenkransen.

Als bronzen voorwerpen uit die tijd kunnen wij een kokerbijl vernoemen die in de Verkensbos gevonden werd, een bronzen mes nabij Beverbeek en fragmenten van bronzen ringen en armbanden op de Haart. Op deze plek ontdekte de opgravingdienst onder leiding van Dr. H. Roosens grote terpen met palenkransen uit de jaren 1.200 v.C., bronstijdgraven. De sporen van de hoeven in de heide doken tot nu toe nog niet op. Misschien zijn de huidige hoeven op de Haart er een voortzetting van.

Inventaris

Copyright © Grevenbroekmuseum vzw 3930 Hamont-Achel.

Alle teksten op onze website vallen onder de auteurswet, zodat het copyright berust bij de vzw Grevenbroekmuseum/heemkundekring Achel.

Niets van deze website mag worden overgenomen, gebruikt of gereproduceerd worden, zonder uitdrukkelijke en schriftelijke toestemming van het vzw Grevenbroekmuseum bestuur..

Foto's of afbeeldingen op deze website blijven eigendom van de maker of eigenaar. vzw Grevenbroekmuseum heeft het volledige gebruiksrecht van alle afbeeldingen en foto’s. Dit recht vervalt niet bij verhandeling door de oorspronkelijke maker of eigenaar van de foto.